Ervaringen gynaecologische kanker

Terug naar overzicht

jul 2010, Chiel, zoon van Baaike vertelt zijn verhaal -

Mijn moeder heeft kanker

Kanker heb je niet alleen. Ook partners en kinderen ondervinden hinder van de ziekenhuisopnames, de behandelingen en de angst. Hieronder het verhaal van Chiel, 19 jaar oud. Zijn moeder kreeg baarmoederhalskanker toen hij 3 was, maar daar herinnert hij zich niet veel meer van. Van de uitzaaiingen die ze kreeg, des te meer. Hij was toen 8.

Het eerste dat ik mij herinner van de kanker van moeder is hoe het de tweede keer begonnen is. Mijn moeder had ongelofelijk veel pijn in haar buik. Afgaande op de plek waar het zat, dacht ze eerst dat het een blindedarmontsteking was. Toen heeft ze mijn vader gebeld. Die is vanuit zijn werk meteen naar huis gekomen, omdat ze zelf niet meer alleen een operatiekamer in wilde gaan. Hier had ze na de eerste keer een trauma aan overgehouden.

Mijn ouders hebben toen eerst mijn broertje en mij bij onze buren gebracht, we waren nog te klein om alleen te blijven en we dachten dat ze wel een nachtje weg zouden blijven. Later die avond waren ze al weer terug, want het bleek geen blindedarmontsteking te zijn. Het was een uitzaaiing van haar eerdere baarmoederhalskanker. Ze moest opnieuw opgenomen worden in het ziekenhuis.

Mijn moeder werd geopereerd en was na tien dagen weer thuis, Ik dacht dat het nu wel over zou zijn maar na drie maanden was er weer een uitzaaiing en die kon niet worden weggehaald met een operatie. Ze kreeg chemokuren. En misschien werd ze daar wel kaal van.
Ik kan me nog een moment herinneren waarbij we met zijn allen naar een pruikenwinkel zijn gegaan Laatst hadden we het hier ook over gehad. Toen hoorde ik dat ze eigenlijk helemaal geen pruik wilde toen ze daar in de winkel stond. Het was voor haar een heel raar gevoel om haar te dragen dat niet van haar zelf was. Ze was ook helemaal verbaasd dat ik mij dat nog kon herinneren, omdat het al zo lang geleden was.

Ik heb het er wel moeilijk mee gehad. Het idee dat ze misschien dood zou kunnen gaan is geen leuke gedachte. Bovendien zijn er altijd mensen die er geen rekening mee houden. Zo zijn mijn broertje, een vriend van hem en ik een keer gaan voetballen op een pleintje in de buurt. Daar waren ook andere jongens aan het voetballen, jongens die we niet kenden. We kregen een beetje bonje en toen ze wegreden scholden ze met kanker. Ik heb hem nageroepen dat mijn moeder dat gehad had. Ik weet niet meer wat hij daarop gezegd had, maar het kwam er op neer dat het hem helemaal niks uitmaakte. Ik ben toen in tranen uitgebarsten.
Een ander voorbeeld komt uit de eerste klas van de middelbare school. Er zat bij mijn in de klas een jongen die constant met kanker liep te schelden. Dat was ongelofelijk vervelend. Helemaal omdat hij geen enkele moeite deed om er mee op te houden en omdat hij zich niks aantrok van wat dit met anderen, waaronder mijzelf, deed. Het niet wetende waar hij mee schold en wat het aan kon richten was nog wel het ergste.

Na die twee uitzaaiingen kreeg mijn moeder er nog een paar. Ik dacht elke keer dat ze nú dan wel dood zou gaan, maar elke keer kwam ze er weer boven op. Ik vond het lastig dat ik er met niemand over kon praten. De kinderen uit mijn klas, ik was toen 10 en zat in groep 6, maakten zich druk om een dood konijn. En ik had een bijna dode moeder! Met haar wilde ik er wel over praten en zij wist ook wel hoe het voelde want haar moeder was dood gegaan toen zij 10 was. Maar ik vond het heel lastig om met mijn moeder te praten over dat ze misschien niet meer lang zou leven. Gelukkig hadden mijn ouders dat door en hebben ze me een paar keer met een kindertherapeut laten praten. Dat heeft wel geholpen.

Ik ben laatst voor mijn opleiding nog een keer terug geweest naar het UMC in Utrecht, waar mijn moeder destijds gelegen heeft. Ik moest daar zijn voor een interview met een verpleegkundige die daar werkt. Toen ik daar naar binnen liep was alles herkenbaar. In negen jaar tijd leek er helemaal niks veranderd. Ik kon in mijn hoofd de route afleggen naar de plek waar mijn moeder gelegen had. Alles was zo herkenbaar, ik voelde weer wat ik voelde toen ik daar regelmatig gelopen heb om mijn moeder te bezoeken. De afdeling Gynaecologie is nu op een andere plek maar toch kwam alles weer terug. Ik kon me zelfs weer herinneren hoe ik daar gezeten heb achter een van de computers.

Dat was niet het enige moment dat alles weer levendig terug kwam. Afgelopen woensdagavond, 20 mei 2010, zijn we met zijn vieren naar de theatervoorstelling Als de dood geweest. Dit ging over een vrouw die sterft aan eierstokkanker. Ik weet dat mijn moeder ook kanker heeft gehad en dat het moeilijk geweest was, maar ik heb het een plekje gegeven,. Maar toen het infuus de eerste keer het toneel op gereden werd, zag ik mijn moeder weer in dat ziekenhuis bed liggen. Ik kon weer voor me zien hoe ze daar lag aan het infuus, bezig met een chemokuur.

Ik ben er nu veel minder mee bezig. Ik trek me veel minder aan van wat anderen erover zeggen. Ook weet ik dat mijn moeder had kunnen overlijden, maar ik zie het niet meer als een vorm van kanker. Ik zie het als een ziekte in het algemeen. Iedereen heeft de kans om een levensbedreigende ziekte te krijgen. Dit kan kanker zijn, zoals bij mijn moeder, maar ook iets als de Mexicaanse griep. Iedereen heeft de mogelijkheid om dood te gaan aan een ziekte en dat is altijd heel vervelend (ik wil hier eigenlijk een krachtterm gebruiken maar dat kan natuurlijk niet). Wat voor ziekte mijn moeder ook had gehad of nog zou kunnen krijgen, ik blijf altijd de angst houden dat ze hieraan zou kunnen overlijden. Voor mij is het dus niet de kanker meer, maar de levensbedreigende ziekte.

Wat ik wel erg goed van mijn moeder vond is dat zij altijd gevochten heeft tegen de kanker. Ze wilde perse in leven blijven om nog dingen voor ons te regelen en van ons te genieten. Zo wilde ze mij na de allereerste operatie, ik was 3, naar de peuterspeelzaal brengen toen ik daar voor de laatste keer heen ging. Dit heeft ze gedaan, maar het heeft haar ontzettend veel kracht gekost om dit ook daadwerkelijk voor elkaar te krijgen. Dat waardeer en bewonder ik heel erg. Dat ze voor ons wilde zorgen ondanks dat ze zo ongelofelijk ziek en zwak was.

Jouw ervaringsverhaal op deze website?


Wil je zelf een verhaal schrijven over je ervaringen met gynaecologische kanker? Jouw verhaal kan lotgenotes steunen. Stuur je verhaal naar de webredactie met dit formulier. Reacties op je verhaal komen direct in je mailbox, behalve als je aangeeft dat je liever geen reacties wilt.

Privacy statement

Disclaimer

Colofon

Olijf is aangesloten bij de NFK en wordt financieel gesteund door KWF Kankerbestrijding